Skip to content

Begroting: Tijd om de lekken te dichten?

De begrotingsonderhandelingen gaan van start. Op alle niveaus zoeken regeringen naar geld, en de discussie gaat bijna altijd over één kant van de rekening: waar kan er bespaard worden? Wij stellen een andere vraag. Hoeveel geld laten we vandaag liggen?

Lekken in de begroting

Gunstregimes die uitgroeiden tot vaste praktijk, belastingtarieven die ver onder die van onze buurlanden liggen, steunmaatregelen waarvan het effect nooit bewezen werd. Samen gaat het om miljarden euro’s die niet in onze sociale zekerheid, onze publieke diensten of onze koopkracht terechtkomen.

Daarom leggen we de komende dagen vijf lekken in de begroting bloot. Elke dag voegen we er in dit artikel één toe, met de cijfers, de uitleg en onze visie.

Niet elk lek zal op zich de begroting redden. Maar een eerlijk en evenwichtig begrotingsdebat begint met het volledige plaatje. Wie vraagt dat iedereen een inspanning levert, moet ook durven kijken naar wie vandaag te weinig bijdraagt.

Gokfiscaliteit:

Terwijl regeringen op zoek zijn naar miljarden om hun begroting op orde te krijgen, blijft één sector opvallend buiten schot: de gokindustrie. Nochtans groeit de markt jaar na jaar en behoort België vandaag tot de landen met de laagste belastingdruk voor online gokken in Europa. Gebaseerd op de omvang van de sector gaat het niet om een detail, maar om honderden miljoenen euro’s die onze overheden vandaag laten liggen.

Online gokken wordt in België belast aan slechts 11% van de Gross Gaming Revenue (GGR). Dat is de omzet van een gokbedrijf na uitbetaling van de winsten aan spelers. Voor fysieke casino’s en andere vormen van offline gokken geldt een hoger tarief van 15%. Internationaal valt vooral op hoe laag die tarieven zijn. In Nederland bedraagt de belasting op kansspelen 37,8%, in Spanje 20% en in Frankrijk kan die oplopen tot meer dan 50%. België bevindt zich daardoor bij de landen met de laagste belastingdruk voor de goksector.

Blauwe druppel met de tekst 404 miljoen euro er in
404 miljoen euro per jaar: zoveel laten we liggen door gokbedrijven zo laag te belasten.

De voorbije jaren kende de gokmarkt een forse expansie. Volgens cijfers van de Kansspelcommissie steeg de GGR sinds 2018 met meer dan 600 miljoen euro tot ongeveer 1,6 miljard euro. Tegelijk verschuift de markt steeds meer naar online gokken. Waar online gokken in 2018 goed was voor 39% van de inkomsten, liep dat aandeel op tot 58% in 2024. Dat is belangrijk omdat online gokken precies onder het laagste belastingtarief valt. Naarmate meer spelers online gokken, neemt het aandeel van de markt dat aan 11% wordt belast toe. Daardoor daalt het effectieve belastingniveau van de sector, ondanks de sterke groei van de inkomsten.

De vraag is dan ook waarom België dergelijke lage tarieven blijft hanteren.

Zelfs een beperkte hervorming kan aanzienlijke bijkomende inkomsten opleveren:

  • Het gelijktrekken van het online tarief met het bestaande offline tarief van 15% zou volgens berekeningen al ongeveer 37 miljoen euro extra opleveren.
  • Een belastingtarief van 25% zou de opbrengst verhogen met ongeveer 198 miljoen euro per jaar.
  • Indien België een niveau zou hanteren dat vergelijkbaar is met Nederland, loopt de bijkomende opbrengst zelfs op tot meer dan 400 miljoen euro per jaar.

Het debat over gokfiscaliteit gaat niet alleen over begrotingen. Gokken veroorzaakt ook maatschappelijke kosten. Problematisch gokgedrag en gokverslaving kunnen leiden tot schuldenproblemen, gezondheidsproblemen en sociale uitsluiting. Tegelijk zijn de drempels om te gokken de afgelopen jaren sterk verlaagd door de opkomst van online platformen die 24 uur per dag beschikbaar zijn.

Dat betekent niet dat gokken verboden moet worden. Maar het is wel logisch dat een sector die winst maakt én maatschappelijke kosten veroorzaakt, op een billijke manier bijdraagt aan de samenleving.

De Vlaamse regering nam in haar regeerakkoord op dat de gokfiscaliteit moest worden bekeken, samen met de andere gewesten. Een voorstel om het online tarief op te trekken naar hetzelfde niveau als offline gokken werd echter niet door alle gewesten gevolgd. Hierdoor blijft een aanzienlijke meeropbrengst voorlopig uit. Dat is moeilijk te begrijpen. Terwijl overal wordt gezocht naar middelen voor de begroting, blijven honderden miljoenen euro’s potentieel onbenut in een sector die vandaag internationaal al bijzonder gunstig wordt belast.

 

Wat is de gokbelasting?

De belasting op kansspelen en weddenschappen is een gewestelijke belasting. Vlaanderen, Wallonië en Brussel bepalen zelf de tarieven en regels, terwijl de federale Kansspelcommissie toezicht houdt op vergunningen en de naleving van de kansspelwetgeving.

Op welke basis wordt de belasting berekend?
Voor online kansspelen wordt de belasting berekend op de Gross Gaming Revenue (GGR). Dat is het verschil tussen de inzetten van spelers en de uitbetaalde winsten. Het gaat dus niet om de volledige omzet, maar om de werkelijke inkomsten van de exploitant.

Waar wordt de belasting betaald?
Bij fysieke kansspelen en speelautomaten speelt de locatie van de inrichting of de automaat een belangrijke rol. De belasting komt terecht bij het gewest waar het casino, de speelhal of de automaat zich bevindt. Daarom zijn de gewesten rechtstreeks belanghebbende partij in dit debat.
Voor online gokken bestaat er uiteraard geen fysieke automaat op het grondgebied. Daar wordt de belasting geheven op de activiteiten van de vergunde operator volgens de gewestelijke regelgeving.

Wie betaalt de belasting?
De belasting wordt betaald door de gokoperator. Spelers betalen in België in principe geen belasting op hun winsten wanneer zij spelen via een vergunde aanbieder.

Deel dit bericht:

Back To Top