kies regio:

Een duurzaam aankoopbeleid, op alle fronten

UitdagingUITDAGINGEN

Alle gemeenten doen inspanningen om hun beleid te verduurzamen. Daar hoort zeker ook het aankoopbeleid bij. In veel gemeenten worden al inspanningen geleverd, bv. door het aankopen van fairtradekoffie, maar duurzaam aankopen reikt veel verder. Als je weet dat ongeveer 50 % van het gemeentelijk budget aan aankoop van goederen en diensten wordt besteed, dan ligt hier een enorme kans om de aankopen op alle vlakken (gebouwen, auto’s, materiaal, werkkledij, kantoorbenodigdheden, energie…) te verduurzamen.

Duurzaam aankopen betekent het aankopen van producten en diensten met de laagste ecologische impact en de meest positieve economische en sociale impact. Dat betekent dat je bij elke aankoop bekijkt wat de CO2-emissies zijn, de impact op vervuiling, op biodiversiteit, op de schaarste aan natuurlijke hulpbronnen en wat de energie-efficiëntie is. Daarnaast moeten ook de fundamentele arbeidsrechten van de ILO (geen dwangarbeid, geen kinderarbeid, vrijheid van vereniging, geen discriminatie), een leefbaar loon en werkuren, veilige en gezonde arbeidsvoorwaarden edm. gerespecteerd worden.

Aangezien de gemeenten gebonden zijn aan de wet openbare aanbestedingen, hebben ze de mogelijkheid om in de aankoopprocedures sociale en ecologische criteria op te nemen. Daarbij is het belangrijk om deze criteria in alle fases van de overheidsopdracht op te nemen, zowel in het ‘voorwerp van de opdracht’, als in de selectie- en gunningscriteria als bij de technische specificaties.

Soms moet de gemeente zelfs nog fundamenteler durven nadenken en de vraag durven stellen ‘wat hebben we nodig?’. Hebben we verlichting nodig (armaturen en lampen) of hebben we licht nodig (een dienstverlening)? Hebben we auto’s nodig of hebben we mobiliteit nodig?

Visie beweging.net

Voor beweging.net is het streven naar een sociaal-rechtvaardige en ecologisch duurzame samenleving een zeer belangrijke doelstelling, waar elke actor op zijn manier aan kan bijdragen. De doelstelling van de klimaattop in Parijs 2016 is glashelder: we moeten de klimaatopwarming ver beneden 2° C houden en de CO2-uitstoot met 80 à 90 % verminderen. Maar de uitdaging gaat verder en ook het grondstoffenverbruik moet naar beneden.

De gemeenten hebben een sterk wapen in handen om leveranciers en producenten te bewegen richting meer duurzame producten en productiewijzen met minder grondstoffengebruik en minder CO2-uitstoot. Als grote en belangrijke klanten een signaal geven aan de producenten dat ze enkel nog duurzame producten of diensten willen kopen, kan het snel vooruitgaan.

Voorstellen

Wat kan een gemeente doen ?


Het volledige aankoopbeleid verduurzamen
De gemeente kan een duidelijke beleidsoptie nemen om het volledige aankoopbeleid de komende jaren te verduurzamen en daarbij de hoogst mogelijke criteria van sociale en ecologische duurzaamheid en de meest betrouwbare labels te hanteren. Ze kan verder een strategie ontwikkelen om dit te bereiken, te beginnen met de producten waar het meeste vooruitgang in kan geboekt worden. Symboolacties die weinig zoden aan de dijk zetten moeten vermeden worden.


Schone kleren
Werk maken van een duurzaam aankoopbeleid van ‘schone kleren’ (werkkledij, sportkledij,…) en bij voorkeur focust op fabrikanten met het label van de Fair Wear Foundation.


Sociale en ecologische criteria
In alle bestekken sociale en milieucriteria opnemen. Vooral producten uit het buitenland moeten op sociaal-verantwoorde en ecologisch duurzame wijze geproduceerd en getransporteerd worden (met het nodige bewijsmateriaal terzake).
Potentiële leveranciers kunnen ook uitdaagd worden om duurzamere producten te maken, door hen een redelijke termijn te geven om zich aan te passen.


Duurzame bedrijven
De gemeente kan stimuli geven aan bedrijven die in de gemeente zijn gevestigd, om meer duurzaam te produceren/diensten te verstrekken.


Duurzame voeding
De gemeente kan bewust omgaan met voeding die wordt ingekocht (bv. voor eigen rusthuizen, OCMW-diensten of personeelsrestaurants). De ecologische impact van de vleesindustrie is zo kolossaal dat gemeentes er goed aan doen zelf geen vlees meer in te kopen. Zo kan men switchen van een vleesvrije dag (bv. Donderdag Veggiedag) naar één vleesrijke dag (bv. Dinsdag Vleesdag). Groenten en fruit worden bij voorkeur ook lokaal geproduceerd (korte keten) en aangekocht.


  Deze website werd mede mogelijk gemaakt door
Belfius Bank VDK bank Logo DVV