kies regio:

Wie niet investeert in sociale woningen krijgt pas een arme gemeente

Na een week van debat rond het wel of niet investeren in sociale woningen, misschien toch enkele belangrijke kantlijnen. Er zijn een paar feiten waar we niet naast kunnen kijken. Sociale woningen tillen gezinnen boven de armoedegrens, maar helaas weten we ook dat er te weinig wordt geïnvesteerd in (sociaal) huren. Veel liever zetten Vlaanderen en Brussel in op het verwerven van een woning, dat wil zeggen voor mensen die al over voldoende financiële middelen beschikken.

20180411 sociale woningen

En waar moeten de mensen naartoe die geen voldoende gevulde portefeuille hebben? 250.000 Vlaamse gezinnen komen in aanmerking voor een sociale woning, maar die zijn er niet voor hen. Dus huren ze privé, waar ze in verhouding te veel betalen voor vaak minderwaardige woningen. Zo wordt die private huurmarkt willens nillens een markt waar mensen een (soms slecht) dak boven het hoofd vinden. Dus hoe minder er wordt geïnvesteerd in sociale woningen hoe belangrijker de private woonmarkt wordt voor deze groep huurders.

Maar de druk op die markt is al groot met hoge huurprijzen voor gevolg, ook voor woning die in feite minderwaardig zijn. Daar speelt natuurlijk het mechanisme van vraag en aanbod dat macht geeft aan de verhuurder, die zelfs niet hoeft te investeren, verhuurd raakt zijn appartement of woning toch. Veldwerkers brengen elke dag nieuwe verhalen naar boven van huurwoningen waar schimmel, vochtigheid en brandgevaar schering en inslag zijn.

Simpel samengevat: hoe minder je investeert in sociale woningen, hoe meer druk op de private huurmarkt en hoe minder verhuurders zullen investeren in hun woningen. Met alle gevolgen van dien voor veiligheid en gezondheid. Een redelijk pervers effect als u het ons vraagt. Dat is de armoedeparadox: wie niet investeert in sociale woningen, krijgt pas een arme gemeente.

Sociale woningen hebben een negatief imago. Clichés genoeg. ‘Ze trekken arme mensen aan’, waarbij arm in de perceptie gelijk staat aan minderwaardig. ‘De waarde van de omliggende huizen vermindert’ en ‘je creëert er getto’s waar de criminaliteit welig tiert’. Vreemd want zulke clichés hoor je nooit over de private huurmarkt, waar nochtans veel meer minder begoede gezinnen wonen.

Zo’n negatief verhaal hoeft het niet te zijn. Vergeet de beelden van de Parijse banlieues, de blokken rond Napels of dichterbij de Rabottorens in Gent of de Silvertopblokken in Antwerpen. Dat zijn telkens grote complexen met vaak minderwaardige materialen en architectuur én stedenbouwkundig slecht ingeplant. Dat zijn niet de juiste beelden van sociaal wonen.

Laat ons een positief verhaal schrijven. De Prijs Inspirerend Wonen van de Vlaamse Vereniging van Huisvestingmaatschappijen toont zoveel mooie voorbeelden die een voortrekker kunnen zijn. Zeker in het verhaal van de kernversterking, want Vlaanderen wil toch in de toekomst dat we anders gaan wonen? Dus kies niet voor de grootschalige sociale woningblokken. Kies voor geïntegreerde projecten.

Sociale huisvesting moet de wijk opnieuw verleiden door het voorzien van lokalen voor de buurt, groen voor de wijk, aanleg van straten en pleinen, oplossingen voor parkeren, deelauto’s en deelfietsen, … Sociale huisvesting heeft de juiste schaal om het nieuwe wonen ingang te doen vinden. Alles heeft zijn prijs, maar uit het debat van de afgelopen tijd leerden we ook dat (sociaal) huren meer mag krijgen.

Goede voorbeelden trekken, maar zijn niet voldoende. Vlaanderen moet ook investeren in een positief beeldverhaal. Wie vandaag iets leest over sociale huisvesting komt al snel terecht bij de verhalen over frauderende sociale huurders, huurders die geen Nederlands kennen, sociale huisvestingsmaatschappijen die het moeilijk hebben, of die met minderwaardig materiaal bouwen. We willen die voorbeelden niet tegenspreken, maar ze zijn eenzijdig en staan niet voor het hele verhaal.

Sociale huisvesting is zoveel meer. We horen weinig tot niets over de 150.000 gezinnen die vandaag sociaal wonen, over hoe een sociale woning hen geholpen heeft, hen zekerheid heeft gegeven. We horen niets of weinig van de 100 sociale huisvestingsmaatschappijen die hard werken om het wonen in Vlaanderen constructief gestalte te geven.

Een nieuwe wind is nodig en daarvoor hebben de sociale huurders en sociale verhuurders Vlaanderen ook nodig. Dus laat ons al de clichés overboord gooien en sociaal wonen eerder als een troef zien, in plaats van een last. Het vermindert armoede, het brengt zuurstof binnen op de private huurmarkt en het kan een voortrekker zijn in het nieuwe wonen. Een nuchtere kijk en meer middelen voor sociaal wonen kan ons op termijn een zeer mooie en positief verhaal opleveren.

  Deze website werd mede mogelijk gemaakt door
Belfius Bank VDK bank Logo DVV